Ouders krijgen in de toekomst recht op minimaal twee maanden betaald ouderschapsverlof. Het Europees Parlement nam er onlangs een richtlijn over aan, nadat Europese ministers er eerder al een principebesluit over hadden genomen. Het kabinet geeft hier gevolg aan.

De regels moeten binnen drie jaar worden opgenomen in de nationale wetgeving. De hoogte van de toeslag met het land zelf bepalen, maar moet op een ‘adequaat niveau’ zijn. Gezinnen moeten met de toeslag ‘een fatsoenlijke levensstandaard’ kunnen behouden. Wie het verlof financiert mogen landen zelf bepalen. Op dit moment hebben Nederlandse ouders alleen recht op onbetaald ouderschapsverlof, tenzij de werkgever ruimere voorwaarden heeft afgesproken. Het huidige ouderschapsverlof duurt een half jaar voor wie het in één keer opneemt. De uren mogen ook gespreid worden opgenomen, tot de achtste verjaardag van het kind.

Partnerverlof

Sinds dit jaar is het partnerverlof in Nederland al verruimd. Partners hebben na de geboorte van hun kind in plaats van 2 dagen recht op 5 dagen volledig betaald verlof. Daar komt volgend jaar een ‘aanvullend geboorteverlof’ bij van maximaal 5 weken. Uitkeringsinstantie UWV betaalt daarin 70 procent van het loon door. Daarmee voldoet Nederland al aan de afspraken over het partnerverlof die ook in de nieuwe EU-richtlijn staan: 10 dagen doorbetaald voor 70 procent van het loon.

Gelijkheid m/v

De bedoeling van de nieuwe Europese richtlijn is om de vertegenwoordiging van vrouwen op de werkplek te verhogen en de rol van de vader – of een gelijkwaardige tweede ouder – in het gezin te versterken. De maatregel moet kinderen en het gezinsleven ten goede komen en inspelen op maatschappelijke veranderingen. Ook wil het Parlement hiermee de gelijkheid tussen mannen en vrouwen bevorderen en de kansen van vrouwen op de arbeidsmarkt vergroten.

Zie ook: